Na een bezoek aan de logopedist, of met een nieuwe oefenbundel op tafel, begint het echte werk: thuis oefenen. De eerste week gaat dat vaak prima, daarna zakt het in. Heel herkenbaar, en gelukkig kun je er veel aan doen. Met deze aanpak blijft oefenen leuk, voor je kind en voor jou.
Houd het kort
Voor een jong kind is vijf minuten geconcentreerd oefenen al een flinke prestatie. Liever elke dag vijf minuten dan één keer per week een half uur: van korte momenten die vaak terugkomen leert een kind het meest. Vijf minuten klinkt weinig, maar tel het eens op: dat is ruim een half uur oefening per week, in stukjes die je kind moeiteloos aankan. En stop terwijl het nog leuk is. Wie lachend afsluit, wil morgen weer.
Spel gaat boven druk
Een kind dat voelt dat het moet presteren, klapt dicht. Verstop het oefenen daarom in een spelletje: een speurtocht, een winkeltje, een gek stemmetje. En verbeter niet elk woord. Zeg het woord zelf nog eens goed voor (“ja, een sssok!”) in plaats van “nee, dat zeg je fout”. Zo hoort je kind het goede voorbeeld, zonder dat er druk op komt te staan. Merk je dat een oefening te moeilijk is? Doe dan een stapje terug naar iets wat al lukt en bouw het succes van daaruit weer op.
Herhaling is het geheim
Hetzelfde spelletje voor de tiende keer? Voor jou misschien saai, voor je kind precies goed. Jonge kinderen leren door herhaling; elke ronde slijt de klank een beetje verder in. Wissel hooguit de vorm af: dezelfde oefenkaarten, maar nu verstopt in de kamer of opgehangen aan de trap. Zelfde oefening, nieuw spel. Vergelijk het met leren fietsen: dat lukte ook niet in één middag, maar wel met elke dag een rondje.
Belonen zonder snoep
Een beloning houdt de moed erin, en dat hoeft echt geen snoep te zijn. Denk aan een sticker op een poster, een stempel op de hand, samen een spelletje kiezen of een extra verhaaltje voor het slapengaan. Beloon vooral de inzet, niet alleen het resultaat: “wat heb je goed geoefend” doet meer dan “goed zo”.
Een ritueel van vijf minuten
Vast moment, vast plekje, vaste volgorde: een klein ritueel maakt oefenen vanzelfsprekend. Bijvoorbeeld elke dag na het avondeten:
- Je kind kiest een oefenkaart of het spelletje van gisteren.
- Jij doet de klank of het woord een paar keer rustig voor.
- Jullie spelen het spelletje en herhalen het woord al spelend.
- Jullie sluiten af met een sticker op de beloningsposter en een compliment.
Leg de kaarten en de poster op een vaste plek, bijvoorbeeld in een bakje op de kast. Dan begint het moment vanzelf en verlies je geen tijd aan zoeken. Vijf minuten, klaar. Morgen weer, en dat is precies de bedoeling.
Zo zijn de bundels opgebouwd
De oefenbundels van De Praatjuf zijn precies op deze manier gemaakt: korte, speelse opdrachten, veel herhaling en een beloningsposter om elke stap te vieren. In de ouderhandleiding lees je hoe je de oefenmomenten klein en leuk houdt. Bekijk de bundels in de winkel, of lees eerst vijf speelse oefeningen voor de s-klank voor een voorproefje.